woman-918896_1280.jpg

Werkweek of op kamp met autisme

Ik ben Daisy en ik ben 19 jaar. Ik heb autisme. Ik woon thuis en heb nog twee zusjes, van 17 en 13 jaar. Laatst ben ik voor mijn opleiding op werkweek geweest, ik wil graag mijn ervaring met de werkweek delen. Ik zal vooral mijn verhaal delen over de afgelopen werweek, maar veel dingen zijn ook van toepassing voor kampen (bijvoorbeeld op de basisschool). Waar ik dus het woord ‘werkweek’ gebruik, kun je ook ‘kamp’ lezen. Waar ik het woord ‘docent’ gebruik, kun je ook ‘juf/meester/leerkracht/ect’ lezen. Ik wil graag laten weten wat mij juist wel of niet heeft geholpen tijdens deze week.

 

Op werkweek met autisme

Het nieuwe schooljaar is alweer even bezig. Voor sommige scholen betekent dat ook dat er een werkweek of kamp georganiseerd wordt. Of misschien al geweest is.

Werkweek en autisme kan erg lastig zijn. De structuur van thuis valt weg, alles gaat anders dan dat het thuis gaat. Vaak ben je tijdens een werkweek veel in contact met andere mensen en is het vaak erg druk. Ook gaan dingen soms anders dan in de planning. Dit kan erg lastig zijn als je moeite hebt met (plotselinge) veranderingen.

 



Voor de werkweek

Al weken voordat ik pas echt op werkweek ging, was er al paniek. Ik had geen idee hoe het tijdens de werkweek zou gaan. Ook thuis merkte ze dat mijn gedrag veranderde. Ik zat vaker alleen op mijn kamer en was sneller geïrriteerd. Het voordeel van deze werkweek was dat wij het als derdejaars georganiseerd hadden en ik dus al een beetje wist wat er zou gebeuren tijdens de werkweek. Toch gaf dit niet voldoende rust. Ik heb vaak het gevoel gehad dat ik echt niet mee wilde, maar de werkweek was verplicht en hoorde bij de opleiding.

Ik ben daarom naar mijn SLB’er (een soort mentor) gegaan. Ik heb aangegeven dat ik enorm opzag tegen de werkweek. Hij had het besproken met andere docenten en zij hadden besloten dat ik toch niet mee hoefde. Ik mocht er wel voor kiezen om bijvoorbeeld één dag of nacht te gaan. Dit gaf mij al meer rust. Uiteindelijk heb ik toen toch besloten om mee te gaan, ik zou kijken hoelang ik het vol kon houden en mocht het toch niet gaan, kon ik altijd naar huis.

Van tevoren heeft het mij geholpen om afspraken te maken met mijn SLB’er. Zo mocht ik zelf bepalen aan welke activiteiten ik wel of niet mee zou doen. Activiteiten waarbij ik een duidelijke rol had of waarbij we in kleine groepjes zaten, lukte mij wel. Activiteiten met grote groepen of klassen, was teveel. Ook heb ik afgesproken dat ik naast een docent zou zitten in de bus, zodat dat wat rustiger zou zijn.

 

Als het teveel wordt

Aangeven wanneer iets teveel wordt is heel belangijk en kan problemen voorkomen. Toch kan dit ook erg lastig zijn. Vaak zijn er bij kinderen bepaalde signalen waaraan je kan merken dat het wat minder gaat. Het is belangrijk om deze signalen zo vroeg mogelijk te herkennen. Het kan daarom helpend zijn om van tevoren aan de docent aan te geven wat deze signalen kunnen zijn. Zo kan er rekening mee worden gehouden. Op werkweek zijn er ook een aantal dingen die je hierbij kunnen helpen. Mijn SLB’er kwam regelmatig even vragen hoe het met mij ging. Ondanks dat ik niet altijd kon aangeven dat er iets was en zei dat het wel goed ging, vond ik dit wel heel erg fijn.

Ook hielp het om een aantal ‘rustmomentjes’ te hebben. Eventjes weg uit de drukte, even alleen zijn. Het kan helpen om van tevoren met de docent een plekje af te spreken waar je heen kan als je merkt dat het te druk wordt.

Als er begeleiding buiten school is, bijvoorbeeld van een psycholoog, een coach, etc. kan het ook handig zijn om dit bespreekbaar te maken. Zo kun je er samen achter komen hoe je kan merken wanneer het wat minder gaat of wanneer het (te) lastig wordt. Ook zou je samen kunnen bespreken wat voor jou prettig is om op zo’n moment te doen. Natuurlijk kan je als ouder hier ook heel goed bij helpen.

 

Wat als het niet zo goed gaat?

Natuurlijk kan het ook gebeuren dat het niet lukt om aan te geven dat het te veel is, of je komt er zelf pas te laat achter. Ook dat is niet erg tijdens zo’n week. Het is voor iedereen een week waarin er veel gebeurt. Als je autisme hebt, kan zo’n week nog wat spannender of lastiger zijn. Tijdens een werkweek zijn er over het algemeen veel meer prikkels die verwerkt moeten worden en het is daarom ook heel logisch als het niet lukt. Ik vond het ook de laatste avond van de werkweek lastiger en het lukte niet om aan te geven waarom. Ik zonderde mij af van de rest, zonder dat ik daar controle over had. Uiteindelijk zijn er docenten naar mij toegekomen en hebben we een stukje gewandeld. Daarna werd ik weer rustiger en een paar dagen daarna kon ik uitleggen wat er gebeurd was. Het is daarom ook belangrijk om met docenten af te spreken wat jij fijn vindt als het even wat minder gaat, zodat docenten daar rekening mee kunnen houden. Je kan ook afspreken of er iemand is die je vertrouwt en waarmee je graag samen zou zijn op dat moment. Je kan dan denken aan een docent, maar ook aan een vriend of vriendin. En als je het juist fijn vindt om alleen te zijn, kan je dat natuurlijk ook aangeven. Als de docenten weten waar jij behoefte aan hebt, kunnen ze er ook rekening mee houden.

Hoewel ik er in het begin heel erg tegenop zag en echt niet mee wilde, ben ik toch gegaan! Dankzij hele goede hulp en begeleiding van de docenten heb ik het tijdens de werkweek over het algemeen heel erg naar mijn zin gehad. Ik heb geen moment spijt dat ik mee ben geweest!

Ik hoop dat dit wat meer inzicht heeft gegeven in waar je tegenaan zou kunnen lopen tijdens een werkweek en vooral hoe je hiermee om kan gaan. Ik wil nog wel even vermelden dat dit is hoe het bij mij is gegaan en wat mij heeft geholpen. Iedereen met autisme is anders, dus ook iedereen met autisme beleeft een werkweek anders.

 



Hierboven heb ik al een aantal tips gedeeld. Hier komen de tips nog even op een rijtje:

  • Bespreek van tevoren wat je nodig hebt: Dit is één van de belangrijkste tips en is iets dat overal weer terugkomt. Als je ervoor zorgt dat je bespreekt wat je nodig hebt, kunnen docenten daar rekening mee houden. Het kan erg lastig zijn om dit van tevoren te bedenken. Als het zelf niet lukt kunnen vaak ouders, begleiders, docenten ook meehelpen om dingen te bedenken.
  • Kijk wat haalbaar is: Bekijk in jouw situatie wat haalbaar is. Als er een werkweek is van 4 dagen, maar denk je dat dat niet haalbaar is? Dan kan je er misschien voor kiezen om 1 of 2 dagen te gaan. Ook tijdens de werkweek is het handig om te kijken wat haalbaar is. Vaak is er een bonte avond met veel geluid, licht en drukte. Als dit iets is waar je niet goed tegen kan, kijk dan of je iets anders kan doen of dat je wat minder lang kan gaan.
  • Weet wat je kan verwachten: Het kan erg helpen als je al van tevoren weet wat je kan verwachten. Vraag daarom of je alvast een planning mee kan krijgen waarop staat hoelaat je wat gaat doen. Als je moeite hebt met veranderingen kan het handig zijn dit aan te geven. Dan kunnen de docenten hier rekening mee houden.
  • Zorg voor iemand die extra op je let: Zorg ervoor dat er iemand is die je goed kent en die soms even kan checken hoe het met je gaat. Je kan hierbij denken aan een docent, maar ook aan een vriend of vriendin. Of iemand anders die je vertrouwt.
  • Geef aan als het wat minder gaat: Hiervoor is het ook belangrijk dat je weet waardoor je bij jezelf kan merken dat het wat minder gaat. Het kan ook helpen om dit tegen andere mensen te vertellen, zodat zij het ook kunnen zien.
  • Denk aan de goede momenten: Er zullen momenten zijn dat het wat lastiger is, bijvoorbeeld als er plotseling iets anders gaat dan verwacht. Het kan dan helpen om aan de dingen te denken die wel al goed zijn gegaan. Je zou het ook voor jezelf op kunnen schrijven, zodat je het laster terug kan lezen. Elke keer als er iets goed is gegaan, schrijf je het erbij!
  • Zorg voor rustmomentjes: Zorg ervoor dat je genoeg momenten hebt waarin je even tot rust kan komen. Je kan hiervoor met de docent een plekje afsreken waar je heen kan gaan als het even te druk wordt.
  • Help docenten herinneren: Soms kunnen docenten even vergeten dat een werkweek voor jou net wat lastiger is, zeker als je met een grote groep gaat. Het kan dan helpen om te zeggen dat je het lastig vind. Één zin is vaak al voldoende.
  • Plan niet teveel rondom de werkweek: Van tevoren ben je vaak in je hoofd al bezig met de werkweek. Zorg er daarom voor dat je niet teveel activiteiten die veel energie vragen gaat doen. Dit geld ook voor het moment dat je terugkomt. De kans is groot dat je hoofd dan erg vol zit van alles wat er in de werkweek gebeurd is. Neem de tijd om alles te verwerken.

Hoe zorg jij ervoor dat het tijdens een werkweek/kamp goed gaat?

Jonneke KoekhovenWerkweek of op kamp met autisme

Join the conversation

* Checkbox GDPR is verplicht

*

Ik ga akkoord met het privacybeleid van KOEKIE Autisme Begeleiding